woensdag 10 februari 2016

stukkende gipsplaat en massage

Vorige week was manlief bezig een plafonnetje (volgens de spellingscontrole het verkleinwoord voor plafond, ik wist het niet) in onze nieuwe slaapkamer te monteren. Hij had net een klein stukje gipsplaat te "kort" (ABN: "te weinig").

Voor de gezelligheid ging ik mee naar de bouwmarkt, waar mijn klusjesman overigens kort geleden een behoorlijke aanvaring had met de assistent-bedrijfsleider, maar het is goed gekomen, dus wij blijven er regelmatig klusboodschappen doen. Onderweg zei hij tegen mij:"ik hoop dat ze nog een "stukkende" plaat hebben, dan hoeven we geen hele te kopen.", waarop ik, zoals altijd bij zijn Zaans taalgebruik, in de lach schoot, wat hij soms wel en soms niet begrijpt.

We liepen naar de afdeling "gipsplaten", waar in de hoek een figuur voor zich uit stond te staren. Met een slechte imitatie van een typetje van André van Duin vroeg ik: "goedemiddag, hebt u misschien een stukkende gipsplaat, waar u vanaf wilt?" Ik vond het zelf erg grappig, want de figuur, die ik het vroeg was een etalagepop. Anton kon er ook om lachen. Bij navraag bij een echte verkoper, konden wij inderdaad een stukje "stukkende" plaat gratis meenemen.

We hadden nog wat andere spulletjes nodig en terwijl ik mijn kortingbonnetjes en klantenpas bij elkaar zocht, sloten wij aan bij de kassa. Daar zat een leuke jonge meid, die terwijl zij demonstratief in haar nek zat te wrijven aan Anton vroeg of hij goed kon masseren, want ze had zo'n pijn! Ik dacht dat ik het niet goed had verstaan, wat ik de laatste tijd helaas wel vaker heb, maar hij antwoordde: "Wil je vriendje dat dan niet voor je doen?" "Nee, dat is een LUL!" zei ze uit de grond van haar hart. Wij moesten hier erg om lachen, maar eigenlijk had ik haar moeten vragen waarom ze verkering had met een lul. Ik hoop dat zij zich dat binnenkort ook gaat afvragen. Volgende keer vraag ik of het nog "aan" is.