maandag 30 maart 2015

Workshop


Alweer een Engels woord, dat in het Nederlands een hele andere betekenis heeft. Een vriendin vroeg mij of ik interesse heb in de “werkwinkel?” “Zin om te schrijven”. Dat heb ik wel, dus ik heb me aangemeld. Er zijn 5 lesmiddagen. De docent is een ouwe rot in het vak, van wie ik ongetwijfeld veel kan leren.

Er zijn een aantal columnisten, die ik bewonder, zoals daar zijn: Youp van ’t Hek, Sylvia Witteman, Marjan Berk, Tineke Beishuizen, Anita Witzier, Marjan van den Berg, Remco Velthuis, Richard Kemper, Hans Verstraaten  enz..

Ik vind het geweldig zoals sommigen de politieke en/of actuele gebeurtenissen bekijken en daar dan met veel humor hun visie over geven. Vaak bedenken ze ook logische oplossingen. Ik denk dan: “waarom zitten jullie niet in de politiek, dan weet ik tenminste op wie ik moet stemmen!”

Daarnaast beschikken de meeste columnisten ook over een bredere kennis van de Nederlandse taal en een grotere woordenschat. Ik heb me altijd wel kunnen redden in mijn werk, maar ik heb niet gestudeerd en dat breekt me soms wel op. 
Ik heb overigens niet de illusie dat ik na het volgen van de workshop in de buurt kom van bovenstaande professionals, maar ik hoop wel beter te worden. Van mijn omgeving krijg ik gelukkig leuke reacties op mijn pennenvruchten en daarom wil ik wel mezelf blijven.

Een heel boek zie ik (nog) niet zitten, daar moet je veel meer energie in steken. Ik zou ook niet weten waar het over zou moeten gaan. Steeds meer “gewone” mensen schrijven een boek, meestal over hun eigen leven. Voor mij is het niet goed alle ouwe koeien uit de diverse sloten te halen, ik word daar nogal verdrietig van. Ik schrijf af en toe wel iets voor mezelf op, maar ik heb geen behoefte dat met heel Nederland te delen.

Het is belangrijk dat je je hersenen blijft uitdagen, dus ik probeer ze o.a. met het schrijven in “shape” te houden, en wie weet kan ik er nog eens geld mee verdienen.


Nu stop ik, want er moet ook gegeten worden. De tijd vliegt als je schrijft!

vrijdag 20 maart 2015

Caravan

Mijn oom en tante hebben hun caravan te koop gezet. Ze hebben jaren met plezier gekampeerd, maar hebben er nu genoeg van.
Het overgrote deel van mijn leven heb ik ook gekampeerd. Eerst met mijn ouders in de tent, later in een toercaravan en in mijn verkeringstijd met man 1 in een klein tentje in het natte Oostenrijk, later in een luxe, gehuurde bungalowtent met de kinderen.
Met man 2 en ons gezamenlijk kroost elk jaar in een andere caravan, die wij dan na de vakantie weer doorverkochten. We hebben zelfs nog een paar jaar een oude camper gehad waar we ’s zomers en ’s winters mee op avontuur gingen. Heel veel goede herinneringen, waar de inmiddels volwassen kinderen, naar ik hoop, ook nog wel eens met plezier op terugkijken, ahum!
Met man 3 heb ik nog nooit gekampeerd, omdat hij niet van autorijden en kamperen houdt. Wij gaan de laatste jaren 2 weken met het vliegtuig naar een warm oord. De luxe van zo’n reis kan ik ook waarderen, hoor; de reis duurt niet lang (hoewel je alles bij elkaar soms wel een dag onderweg bent), in het hotel heb je je eigen douche en w.c., die elke dag worden schoongemaakt. Je hoeft niet te koken, op te ruimen, boodschappen te doen enz.
Hoewel het niet altijd aan de verwachtingen voldoet, is het een comfortabele manier van vakantie vieren. Toch krijg ik altijd een steek van jaloezie en weemoed als ik in de zomer al die mensen met hun sleurhut achter de auto zie rijden. Gezellig onderweg met broodjes, koffie, koek en, onmisbaar, de hardgekookte eieren! Zo gek dat ze onderweg veel lekkerder smaken dan thuis.  
Daarom probeer ik al een hele tijd mijn man enthousiast te krijgen voor een kampeervakantie. Ik som regelmatig alle pluspunten op:
je eigen bed, de vrijheid en gemoedelijkheid op een camping, gemakkelijk contact maken met andere mensen. Als de plek je niet bevalt of het gras te lang wordt, trek je verder naar een andere plek, goedkoper dan een vliegreis. En als het een mooi weekend beloofd te worden kun je zo weg. Hij komt dan met minpunten, zoals vieze w.c.’s, douches met haren in het putje, schreeuwende kinderen en het argument dat hij lang genoeg in een (sta)caravan heeft gewoond.

Toen ik hoorde dat oom en tante hun mooie caravan met alles erop, in en aan van de hand doen ben ik weer begonnen hem met al mijn charmes en enthousiasme te bewerken (hij noemt het zeuren trouwens).  Ik heb gezegd dat ik wel wil rijden, maar volgens hem kunnen vrouwen niet rijden. Dat ik meer rijervaring in het buitenland heb dan hij en met caravan en camper (met een blokje onder het gaspedaal i.v.m. te korte benen, en zonder stuurbekrachtiging!) vele kilometers door Europa heb getoerd kan hem ook niet overtuigen!
Maar ik geef het niet op!

Ik moet alleen nog ergens een deugdelijk voertuig met trekhaak op de kop tikken……

zaterdag 7 maart 2015

Bodyshape

Dat is een les die ze op de sportschool geven, waar ik me vanmorgen ook weer naar toe gesleept heb. Als je zegt dat je elke week naar “lichaamsvorm” gaat snapt geen sterveling wat je bedoelt. Langzamerhand is het Engels zo verweven in onze taal, dat de Nederlandse woorden belachelijk klinken. Ik vind het zo jammer en kan me er mateloos aan ergeren, maar ik zal eraan moeten wennen. Voor allerlei Nederlandse woorden zijn al hippe Engelse woorden in de plaats gekomen. Zoals lifestylepeople het hebben over de “masterbedroom” en “living”, hebben visagisten (uit ons Franse tijdperk) het over “lipstick”, “blusher”, “concealer”, “foundation” (van sommige weet je niet eens meer wat het in het Nederlands is!), “fashionpeople” hebben het over “top”, “jeans”,“sneakers” “high heels” en ga zo maar door. Mensen die totaal geen Engels onderwijs hebben genoten, en dat zijn er toch nog heel wat, zullen het allemaal steeds moeilijker krijgen.

Nou, ik had het vandaag ook moeilijk tijdens de “bodyshape”-les. Ik word me steeds meer bewust van mijn “age” en de bijbehorende teloorgang van allerlei “skills”. Waar ik voorheen meestal wel kon meekomen met allerlei lessen merk ik steeds vaker dat ik niet alles even lang kan volhouden als de “coach” wil, en dat mijn gewichten van 2,5 kilo veel zwaarder lijken dan die 5 kilo van haar. Ik moet onderkennen dat mijn spiermassa begint af te nemen en de artrose alleen maar toeneemt. Heb ik het maar niet over alles wat gaat hangen (behalve mijn tandvlees, dat trekt op). Om dan de “towel” in de ring te gooien is dan wel erg verleidelijk, maar voorlopig “shape” ik mijn “body” nog een paar keer per week.

Mijn lief gaat namelijk wel trouw 2 keer per week “fitnessen”, dus dat is mijn “drive” om toch maar door te gaan. Gelukkig heeft hij nog geen klachten over mij. Wij hadden zelfs nog een “URS” (Unexpected Romantic Surprise) op een doordeweekse middag. Het was een heerlijk ogenblik. We stonden in de “living” en ik raakte Anton aan, en daar was ie dan, na 8 jaar verkering: “DE VONK”! Echt, ik verzin dit niet, een schok. We hadden het niet meer verwacht en hebben van puur geluk meteen een “holiday” geboekt.

Zo zijn er toch zo af en toe nog “little miracles” te beleven in deze vaak angstige tijden, al moet je ze wel willen zien.

Ik zit wel eens te klagen over pijntjes hier en stijfheid daar, maar ik ben nog maar 57 en volgens de statistieken heb ik nog wat jaren te goed. Het is dus “very important” om je “body” zo lang mogelijk in shape te houden als je er zo lang mee moet doen, want we zullen er in de future wel zelf voor moeten zorgen, maar daarover later meer. Ik smeer nog wat "anti-age-crème op mijn snoetje en ga te bed.


Have a nice day, love you!