dinsdag 8 december 2015

Poetsles

Een paar weken geleden ging ik naar onze “nieuwe” tandarts. Mijn “oude” tandarts is een groepspraktijk met hele hippe, jonge tandartsen en mondhygiënistes. Ik ben er 4 keer geweest. Elke keer waren er weer nieuwe medewerkers. Wat ik ook niet begreep is waarom het oude, prachtig gerenoveerde, sfeervolle pand verbouwd moest worden tot een witte, strakke, onpersoonlijke ruimte. Nou ga je natuurlijk niet voor de gezelligheid naar de tandarts, maar ik had ook het idee dat deze, in mijn ogen zinloze verbouwing voor een groot deel mogelijk gemaakt is door de patiënten. Daarbij komt nog dat wij, mijn verloofde en ik, bang waren voor een van de mondhygiënistes, die zo hardhandig je tandsteen te lijf ging, dat je dacht dat ze een hekel aan je had.

De “nieuwe” tandarts is een, laten we zeggen, een man met meer werkervaring, zit hier al jaren om de hoek en waarom wij daar niet eerder naar toe zijn gegaan, geen idee, waarschijnlijk omdat het te dichtbij was. Ik vertelde hem dat mijn brug een beetje wiebelde. Nou, die had hij er na 2 tikjes al uit. Ik moest dezelfde week nog terugkomen voor een behandeling van zeker een half uur. Ook wilde hij dat ik een poetsinstructie kreeg van de preventiemedewerkster, want over mijn poetstechniek was hij niet te spreken. Twee dagen later lag ik weer in de stoel. Ik was behoorlijk bang, en dat zei ik hem ook. Hij stelde mij gerust en gaf me bovendien een dubbele verdoving. Gelukkig kon de brug nog gerenoveerd en teruggezet worden. Na zo’n 3 kwartier zat ie weer als een huis en kon ik de man wel zoenen, wat ik niet deed, omdat mijn gezicht nog half verlamd was.

Gisteren ging ik, gewapend met mijn elektrische borstel, naar de poetsles. De vriendelijke preventiemedewerkster smeerde eerst een blauwe vloeistof op mijn smikkelkeien (een woord van mijn ex-buurman Ad). Na ‘t spoelen werden de probleemzones zichtbaar. Het werd letterlijk rood voor mijn ogen! Toen vroeg ze of ik wilde voordoen hoe ik poets; na 5 seconden nam ze het al over, ik bakte er niks van! Ik ben 58 en poets blijkbaar al 53 jaar verkeerd, bedankt mam! Ik dacht dat ik goed bezig was met elke dag stokeren, flossen en 2 x 2 minuten poetsen, niet dus. Vreemd genoeg is het grootste deel van mijn gebit nog gaaf en hoef ik mijn hand niet voor mijn mond te houden als ik lach. Toch ga ik het anders doen, want mijn mond moet een Schoon waardig zijn. Ik ben er overigens van overtuigd dat het overgrote deel van de mensheid een onvoldoende haalt voor de poetstoets.

Millimeter voor millimeter werden al mijn kiezen en tanden voor me geborsteld, waarna ik 2 ragertjes, en een rekening van 60 euro meekreeg, hartelijk dank! Daar moet ik 6 uur voor poetsen, met mijn handen!



donderdag 22 oktober 2015

Mina Bakgraag

He hè, ik zit! De appeltaart staat in de oven en de keuken ziet er uit alsof er niets gebeurd is. Ik ben best tevreden over mezelf, want koken en bakken zijn nou niet bepaald mijn favoriete bezigheden. De berg appeltjes uit eigen tuin lag al een week te wachten om verwerkt te worden tot iets lekkers. Ze zijn zo ook wel goed te eten, maar je moet ze schillen en met onze schiltechniek blijft er niet veel van over.

Daarom besloot ik gisteren de benodigde ingrediënten voor een appeltaart in huis te halen, zodat ik vandaag al vroeg kon beginnen. Ik heb wel vaker een appeltaart gebakken, maar dat geknoei met dat deeg vind ik altijd een gevecht. Er staat zo achteloos in het recept vermeld, dat je het deeg moet uitrollen, netjes in de vorm leggen en dan van die mooie reepjes er bovenop draperen. Als je mij in de weer ziet en hoort vloeken tegen die kleverige klomp is het net een slapstick. Uiteindelijk is het resultaat meestal wel te eten, maar fraai ziet het er niet uit.

Toen ben ik gaan googlen en kwam uit bij de klassieke appeltaart van Rudolph van Veen met een filmpje. Wat een openbaring, had ik eerder moeten doen! Ik heb het 2 x afgespeeld. Deze prettige man legt zo enthousiast en eenvoudig uit, dat je er helemaal niet meer tegen op ziet je handen uit de mouwen en in het ei, de bloem, boter en suiker te steken. Veel handiger ook om gewoon op je (schone!) aanrecht te kneden in plaats van met een zware mixer met kneedhaken in een kom en dan uitrollen op een plank, die constant verschuift.

Wonderlijk alleen, dat net, als je tot je ellebogen in het deeg zit, tot 3 x toe de telefoon gaat; ik moest wel opnemen, want mijn werkgever zou mij terugbellen en ik was benieuwd wat zij voor belangrijks te melden had, dat niet per mail kon. De 1e keer was het Greenpeace: of het gelegen kwam, nee dus, maar evengoed wilde hij een heel verhaal gaan afsteken. Ik heb het zowaar afgekapt. De 2e keer manlief, altijd kort. De 3e keer inderdaad de zorgcoördinator, die mij meedeelde dat T-zorg per 1 december afscheid van mij moet nemen. Vanwege de nog altijd onduidelijke plannen van de gemeente durven zij het “risico” niet te nemen mij een vast contract (van wel 3 uur per week!) te geven, de lafaards. In mijn geval is er geen man overboord, want die runt een succesvol bedrijf, en zelf heb ik sinds vorig jaar een "bloeiende" koffietuin, maar ik heb te doen met mijn collega’s die ervan moeten leven. Ik had er rekening mee gehouden en heb volgende week een afspraak bij een andere zorginstelling. Met Koffie Kalf ga ik er volgend voorjaar weer tegenaan. Allerminst uit het veld geslagen stort ik mij weer op het deeg, en zelfs de reepjes liggen er keurig op.

De taart is klaar en hij ziet er zeer appeltijtelijk uit. Wat zal mijn lief mij lief vinden!
Alleen nog even de telefoons schoonmaken....

donderdag 30 juli 2015

Koptelefoon

Eindelijk weer een verhaaltje!


Het is juli 2015, een regenachtige, winderige middag. Ik zit met de draadloze koptelefoon van vader Wijb op te luisteren naar de CD Harvest van Neil Young; hoezo jeugdsentiment?

De koptelefoon, die mijn vader zo’n 15 jaar geleden van ons, kinderen, voor zijn verjaardag kreeg. Helaas heeft deze gekke, sterke, levenslustige en optimistische man vijf jaar geleden op 78-jarige leeftijd de strijd tegen kanker verloren. Hij heeft de koptelefoon geregeld op zijn zeer muzikale oren gezet en genoten van muziek van geliefde componisten en artiesten, waar Neil Young er overigens niet een van was, daar kom ik op terug! Zijn vrouw gebruikte hem niet meer en gaf hem aan mijn zusje, die tegenwoordig met de I-pod muziek luistert. Zover ben ik nog niet, daarom heb ik hem nu.

Mijn vader had een absoluut gehoor en mocht, dankzij zijn talent en op aandringen van de bovenmeester, na de 8e klas naar het conservatorium gaan. In die tijd (rond 1947) was dat voor een arbeidersgezin heel bijzonder. Hij is een veelzijdig en succesvol musicus geworden. Een groot deel van zijn carrière was hij concertmeester/1e soloklarinettist bij de Koninklijke Militaire Kapel. Hij componeerde en arrangeerde en heeft als dirigent met een aantal amateur harmonieorkesten vele concoursen gewonnen. Hoogtepunten waren in de jaren tachtig de concerten in het Concertgebouw met de Amsterdamse Tram Harmonie, operakoor en solisten. Voor dat orkest schreef hij de herkenningsmars. Ik weet nog hoe trots ik was, wanneer hij soepel die rode trap af daalde en voor het orkest ging staan.

In zijn jonge jaren schnabbelde hij in dansorkesten, waar hij zich hartstochtelijk uitleefde op de sax, klarinet en percussiemateriaal. Hij schroomde niet er zelfs ook nog bij te zingen in het Spaans, waar overigens geen woord Spaans bij was!
Behalve de klarinet lukte het hem ook uit veel andere instrumenten muziek te halen, zoals de accordeon, het orgel, de piano. Hij bracht een keer, toen ik nog een kleutertje was, een doedelzak mee. Ik zie hem nog staan in de woonkamer van ons kleine flatje; wat daar voor geluid uitkwam, ik werd er bang van! Toch word ik nog altijd week als ik doedelzakken hoor, zoals in het nummer “Mull of Kyntire” van Wings.

Hij kon echter geen waardering opbrengen voor de popmuziek van radio Veronica en Noordzee, waarmee wij talloze cassettebandjes vol zetten! Hij had er geen goed woord voor over. Ik moet bekennen dat ik de techno, rap en hiphop van tegenwoordig ook afschuwelijk vind, dat is de generatiekloof waarschijnlijk.

Heb de koptelefoon inmiddels afgezet en radio 5 aangezet.
Dankzij mijn vader ben ik gelukkig gaan houden van allerlei muziekgenres. Van Tsjaikovski, Mozart, Strauss, Bach, Beethoven, Chopin, Schubert, Ravel, Gershwin, naar Joe Loss, Benny Goodman, Glenn Miller, Dave Brubeck, tot zigeunermuziek, Harry Bannink enzovoorts. Het meeste instrumentaal, hij had niet veel vocaal, behalve dan het koor van de Misa Criolla (prachtige religieuze muziek uit Argentinië), die LP is grijs gedraaid. Pap was alles behalve religieus, maar die muziek vond hij prachtig.

Helaas speel ik (nog  steeds) geen instrument. Ik ben redelijk muzikaal en zing in een koor, maar heb niet de gave van mijn vader, die al op zijn 4e jaar alles wat hij hoorde op de mondharmonica naspeelde. Hij heeft ons ook nooit gedwongen, vond dat dat vanzelf moest komen. Bij mijn broertje is dat inderdaad gebeurd.

Op een dag kwam vaderlief opgetogen thuis met een bugel, een soort trompet. Die had hij voor weinig op de kop getikt. Daar mocht ik op spelen. Zowaar kreeg ik er geluid uit, maar ik was 12 en vond het maar een stom ding. Gitaar of piano vond ik veel leuker, maar het ontbrak mij aan wilskracht en doorzettingsvermogen. Nu heb ik al artrose in mijn vingers helaas.

In mijn tienertijd (zeventiger jaren) was ik een soulkicker, qua kleding, maar ik hield van heel veel soorten muziek, vooral dansbare muziek en close harmony, zoals de Eagles en Crosby, Stills, Nash and Young. (Oh! even de radio keihard zetten voor het prachtige “You made me so very happy” van Blood, Sweat and Tears, wat een orkest!).
Aznavour kan ik ook van genieten, Ierse folk, flamenco, Latin, Fado en nog veel meer. Het is afhankelijk van mijn stemming.

Muziek is emotie en ik zou niet zonder willen en kunnen. Het ontroert me, maakt me melancholisch, weemoedig, maar ook zo vrolijk, dat ik door de kamer dans. Ik kan me geen leven voorstellen zonder.

Bedankt lieve Pap, en al die andere muzikanten die mijn leven kleur geven!



maandag 13 april 2015

Koffie aan het Kalf

Zo wil ik mijn rustpauzepunt voor wandelaars en fietsers gaan noemen. Manlief heeft een mooi paviljoen gebouwd op het erf van ons Zaanse boerderijtje uit 1721. Het is een prachtige plek aan de Zaan, waar je met mooi weer heerlijk buiten kunt zitten.

Omdat er ’s zomers veel wandelaars en fietsers voorbij komen, kwamen we op het idee een bescheiden horecagelegenheid op ons eigen erf te beginnen. De illusie dat ik op mijn leeftijd nog een leuke, betaalde baan vind heb ik al laten varen. Mijn contract bij T-zorg van 6 uur per week loopt ook binnenkort af. Daarom leek het me wel gezellig om op deze manier iets bij te verdienen en tegelijk wat reuring aan huis te hebben.

Mensen in mijn omgeving reageren enthousiast als ik erover vertel. Mijn man heeft, voortvarend als hij is, mij vereeuwigd, niet op de gevoelige, maar op een houten plaat, als Oudhollandse koffiedame; levensgroot geschilderd. Ik heb hiervoor een kostuum mogen lenen van de operettevereniging. Het is erg leuk geworden. De bedoeling is deze houten juffrouw aan de weg te zetten, om zo dorstige, vermoeide voorbijgangers te verleiden bij nummer 54 even te pauzeren.

Nu was ik zo naïef te denken dat je voor zo’n kleinschalige activiteit aan huis geen vergunning of toestemming nodig hebt. Voor de zekerheid ben ik echter wel even gaan informeren bij de eigenaresse van een huisje in Jisp, die al jaren een gezellig terrasje bij haar huis heeft. Deze mevrouw vertelde mij dat zij hier 14 jaar geleden mee is begonnen en dat er toen geen vergunning nodig was. Ook omdat haar huis een monument is en zij veel goed werk doet voor de kerk gedoogt de gemeente nog altijd haar activiteiten. Zij vertelde mij dat je tegenwoordig echter overal vergunningen voor moet aanvragen; en ik vrees met grote vrezen dat dat zeker bij de noodlijdende gemeente Zaanstad het geval zal zijn!

Ik bel naar de gemeente, waarna ik na een keuzemenu en 10 minuten wachten een juffrouw aan de lijn krijg, die mij onmiddellijk verwijst naar de website. Ik probeer haar nog zover te krijgen dat ze mij doorverbindt met een deskundig persoon, omdat het niet om een “gewoon” bedrijf gaat, maar zij is onvermurwbaar. Als ik geen antwoord vind op mijn vraag moet ik maar een afspraak maken, ik bedankte haar voor de “hulp”! Dus toch maar surfen naar de website: om te beginnen vind je niks over een bedrijfje beginnen aan huis. Ik moet me in elk geval inschrijven bij de Kamer van Koophandel, het bestemmingsplan van de locatie opvragen, een tekening van het terras en een ondernemingsplan overleggen, enzovoorts. In het gunstigste geval heb ik 8 weken na de aanvraag een vergunning om gasten te ontvangen.

Eigenlijk was mijn enthousiasme hierdoor zodanig afgenomen dat ik al op weg was naar Maarten om hem de pijp te geven, maar dankzij de peptalk van mijn man (“doe niet zo slap!”) zal ik met hernieuwde energie mij in de ambtelijke molen storten. We hebben in ieder geval nog ruim de tijd om het paviljoen en de tuin aantrekkelijk te maken.


Graag tot ziens bij Koffie aan het Kalf!   

maandag 30 maart 2015

Workshop


Alweer een Engels woord, dat in het Nederlands een hele andere betekenis heeft. Een vriendin vroeg mij of ik interesse heb in de “werkwinkel?” “Zin om te schrijven”. Dat heb ik wel, dus ik heb me aangemeld. Er zijn 5 lesmiddagen. De docent is een ouwe rot in het vak, van wie ik ongetwijfeld veel kan leren.

Er zijn een aantal columnisten, die ik bewonder, zoals daar zijn: Youp van ’t Hek, Sylvia Witteman, Marjan Berk, Tineke Beishuizen, Anita Witzier, Marjan van den Berg, Remco Velthuis, Richard Kemper, Hans Verstraaten  enz..

Ik vind het geweldig zoals sommigen de politieke en/of actuele gebeurtenissen bekijken en daar dan met veel humor hun visie over geven. Vaak bedenken ze ook logische oplossingen. Ik denk dan: “waarom zitten jullie niet in de politiek, dan weet ik tenminste op wie ik moet stemmen!”

Daarnaast beschikken de meeste columnisten ook over een bredere kennis van de Nederlandse taal en een grotere woordenschat. Ik heb me altijd wel kunnen redden in mijn werk, maar ik heb niet gestudeerd en dat breekt me soms wel op. 
Ik heb overigens niet de illusie dat ik na het volgen van de workshop in de buurt kom van bovenstaande professionals, maar ik hoop wel beter te worden. Van mijn omgeving krijg ik gelukkig leuke reacties op mijn pennenvruchten en daarom wil ik wel mezelf blijven.

Een heel boek zie ik (nog) niet zitten, daar moet je veel meer energie in steken. Ik zou ook niet weten waar het over zou moeten gaan. Steeds meer “gewone” mensen schrijven een boek, meestal over hun eigen leven. Voor mij is het niet goed alle ouwe koeien uit de diverse sloten te halen, ik word daar nogal verdrietig van. Ik schrijf af en toe wel iets voor mezelf op, maar ik heb geen behoefte dat met heel Nederland te delen.

Het is belangrijk dat je je hersenen blijft uitdagen, dus ik probeer ze o.a. met het schrijven in “shape” te houden, en wie weet kan ik er nog eens geld mee verdienen.


Nu stop ik, want er moet ook gegeten worden. De tijd vliegt als je schrijft!

vrijdag 20 maart 2015

Caravan

Mijn oom en tante hebben hun caravan te koop gezet. Ze hebben jaren met plezier gekampeerd, maar hebben er nu genoeg van.
Het overgrote deel van mijn leven heb ik ook gekampeerd. Eerst met mijn ouders in de tent, later in een toercaravan en in mijn verkeringstijd met man 1 in een klein tentje in het natte Oostenrijk, later in een luxe, gehuurde bungalowtent met de kinderen.
Met man 2 en ons gezamenlijk kroost elk jaar in een andere caravan, die wij dan na de vakantie weer doorverkochten. We hebben zelfs nog een paar jaar een oude camper gehad waar we ’s zomers en ’s winters mee op avontuur gingen. Heel veel goede herinneringen, waar de inmiddels volwassen kinderen, naar ik hoop, ook nog wel eens met plezier op terugkijken, ahum!
Met man 3 heb ik nog nooit gekampeerd, omdat hij niet van autorijden en kamperen houdt. Wij gaan de laatste jaren 2 weken met het vliegtuig naar een warm oord. De luxe van zo’n reis kan ik ook waarderen, hoor; de reis duurt niet lang (hoewel je alles bij elkaar soms wel een dag onderweg bent), in het hotel heb je je eigen douche en w.c., die elke dag worden schoongemaakt. Je hoeft niet te koken, op te ruimen, boodschappen te doen enz.
Hoewel het niet altijd aan de verwachtingen voldoet, is het een comfortabele manier van vakantie vieren. Toch krijg ik altijd een steek van jaloezie en weemoed als ik in de zomer al die mensen met hun sleurhut achter de auto zie rijden. Gezellig onderweg met broodjes, koffie, koek en, onmisbaar, de hardgekookte eieren! Zo gek dat ze onderweg veel lekkerder smaken dan thuis.  
Daarom probeer ik al een hele tijd mijn man enthousiast te krijgen voor een kampeervakantie. Ik som regelmatig alle pluspunten op:
je eigen bed, de vrijheid en gemoedelijkheid op een camping, gemakkelijk contact maken met andere mensen. Als de plek je niet bevalt of het gras te lang wordt, trek je verder naar een andere plek, goedkoper dan een vliegreis. En als het een mooi weekend beloofd te worden kun je zo weg. Hij komt dan met minpunten, zoals vieze w.c.’s, douches met haren in het putje, schreeuwende kinderen en het argument dat hij lang genoeg in een (sta)caravan heeft gewoond.

Toen ik hoorde dat oom en tante hun mooie caravan met alles erop, in en aan van de hand doen ben ik weer begonnen hem met al mijn charmes en enthousiasme te bewerken (hij noemt het zeuren trouwens).  Ik heb gezegd dat ik wel wil rijden, maar volgens hem kunnen vrouwen niet rijden. Dat ik meer rijervaring in het buitenland heb dan hij en met caravan en camper (met een blokje onder het gaspedaal i.v.m. te korte benen, en zonder stuurbekrachtiging!) vele kilometers door Europa heb getoerd kan hem ook niet overtuigen!
Maar ik geef het niet op!

Ik moet alleen nog ergens een deugdelijk voertuig met trekhaak op de kop tikken……

zaterdag 7 maart 2015

Bodyshape

Dat is een les die ze op de sportschool geven, waar ik me vanmorgen ook weer naar toe gesleept heb. Als je zegt dat je elke week naar “lichaamsvorm” gaat snapt geen sterveling wat je bedoelt. Langzamerhand is het Engels zo verweven in onze taal, dat de Nederlandse woorden belachelijk klinken. Ik vind het zo jammer en kan me er mateloos aan ergeren, maar ik zal eraan moeten wennen. Voor allerlei Nederlandse woorden zijn al hippe Engelse woorden in de plaats gekomen. Zoals lifestylepeople het hebben over de “masterbedroom” en “living”, hebben visagisten (uit ons Franse tijdperk) het over “lipstick”, “blusher”, “concealer”, “foundation” (van sommige weet je niet eens meer wat het in het Nederlands is!), “fashionpeople” hebben het over “top”, “jeans”,“sneakers” “high heels” en ga zo maar door. Mensen die totaal geen Engels onderwijs hebben genoten, en dat zijn er toch nog heel wat, zullen het allemaal steeds moeilijker krijgen.

Nou, ik had het vandaag ook moeilijk tijdens de “bodyshape”-les. Ik word me steeds meer bewust van mijn “age” en de bijbehorende teloorgang van allerlei “skills”. Waar ik voorheen meestal wel kon meekomen met allerlei lessen merk ik steeds vaker dat ik niet alles even lang kan volhouden als de “coach” wil, en dat mijn gewichten van 2,5 kilo veel zwaarder lijken dan die 5 kilo van haar. Ik moet onderkennen dat mijn spiermassa begint af te nemen en de artrose alleen maar toeneemt. Heb ik het maar niet over alles wat gaat hangen (behalve mijn tandvlees, dat trekt op). Om dan de “towel” in de ring te gooien is dan wel erg verleidelijk, maar voorlopig “shape” ik mijn “body” nog een paar keer per week.

Mijn lief gaat namelijk wel trouw 2 keer per week “fitnessen”, dus dat is mijn “drive” om toch maar door te gaan. Gelukkig heeft hij nog geen klachten over mij. Wij hadden zelfs nog een “URS” (Unexpected Romantic Surprise) op een doordeweekse middag. Het was een heerlijk ogenblik. We stonden in de “living” en ik raakte Anton aan, en daar was ie dan, na 8 jaar verkering: “DE VONK”! Echt, ik verzin dit niet, een schok. We hadden het niet meer verwacht en hebben van puur geluk meteen een “holiday” geboekt.

Zo zijn er toch zo af en toe nog “little miracles” te beleven in deze vaak angstige tijden, al moet je ze wel willen zien.

Ik zit wel eens te klagen over pijntjes hier en stijfheid daar, maar ik ben nog maar 57 en volgens de statistieken heb ik nog wat jaren te goed. Het is dus “very important” om je “body” zo lang mogelijk in shape te houden als je er zo lang mee moet doen, want we zullen er in de future wel zelf voor moeten zorgen, maar daarover later meer. Ik smeer nog wat "anti-age-crème op mijn snoetje en ga te bed.


Have a nice day, love you!

woensdag 25 februari 2015

Frustratie

Wat kun je toch af en toe gefrustreerd zijn!

Volgens de Dikke Van Dale betekent “frustratie” ”gevoel van teleurstelling”, maar voor mij dekt dat de lading niet.

Deze week ben ik al een paar keer behoorlijk gefrustreerd geweest, en de week is nog lang niet om; eerst wilde ik kaartjes maken voor de jukebox. We hebben daarvoor een handig programmaatje van iemand gekregen, waarmee je alles naar je eigen smaak kunt instellen. Nu ben ik na zo’n 25 jaar computeren wel redelijk handig met Word, e-mail en internet, maar loop toch regelmatig aan tegen mijn digibetisch brein. Ik ben namelijk opgegroeid zonder computer. De kinderen van nu kunnen niet meer zonder, maar ik heb me nooit verveeld. We hadden thuis wel radio, televisie, telefoon en wat huishoudelijke apparaten, waar wij beslist niet aan mochten komen, en dat ook niet deden. De kinderen van nu mogen wel overal aankomen (tot frustratie van veel grootouders, winkeliers en horecapersoneel) en kunnen al met de computer overweg voordat ze kunnen lopen. Ze hebben totaal geen angst om verkeerde dingen te doen (terwijl ze zich daar wel bewust van moeten worden, vind ik) en leren spelenderwijs.

Mij lukte het deze keer ook weer niet de titels ergens in dat handige programma in te voeren. Het is waarschijnlijk veel makkelijker dan ik denk, maar ik heb het na een uur pielen vloekend weggeklikt.
Mijn adressen wil ik eigenlijk naar mijn g-mailaccount kopiëren en mijn account aanvullen, maar ik wordt tegengehouden door mijn wantrouwen voor Google, omdat in de gebruikersvoorwaarden staat dat ze al je gegevens overal voor mogen gebruiken, wat moet je dan?

Blogspot heeft ook nog veel geheimen voor mij. Ik moet waarschijnlijk nog iets aanzetten, zodat mijn lezers volger kunnen worden en een reactie onder mijn stukkies kunnen plaatsen. "Help" helpt vaak ook niet, omdat ik de uitleg niet begrijp, kan het ook niet helpen.

Ik ga maar op zoek naar een cursus voor gevorderde digibeten.

Wat me eigenlijk nog meer frustreert is mijn gebrek aan inzicht in een werkbeschrijving van een haakpatroon voor een truttig tafelkleedje, waar ik aan begonnen ben. Ik heb vannacht zelfs liggen piekeren, hoe ik die sterren aan elkaar moet haken! Dan ga je pas echt twijfelen aan je vermogen om “begrijpend te lezen”. Ik verdom het om een haakhulpsite te raadplegen. Het patronenboekje komt trouwens uit 1978, toen ik nog kilometers gordijnen haakte, wat me toen overigens fluitend en zonder frustratie lukte (toch afgestorven hersencellen?). 


Voor zover ik me herinner gebruikten mijn ouders het woord “frustraties” niet, maar ze moeten ze zeker hebben gehad! 

dinsdag 17 februari 2015

Filmset

In onze wijk zijn ze regelmatig op zoek naar geschikte filmlocaties voor t.v.- series of “commercials” (reclamespots) . Zo werden wij vorig jaar benaderd door een zogenaamde “locatiesearcher” (in het Engels klinkt alles interessanter).

Hij vroeg of wij bereid waren om ons huis als filmlocatie beschikbaar te stellen voor de t.v.-serie Overspel”. Dat leek ons wel erg leuk, zeker omdat ik het een goede serie vind. Hij vroeg of hij een paar foto’s van het huis mocht maken. Ik schat dat hij er 34 schoot. Kost niks in het digitale tijdperk. Hij had nog een paar huizen op het oog, dus hij kon nog niet vertellen of de keuze op ons huis zou vallen. Dat bepaalden de regisseur en producent. Een paar weken later kregen we te horen dat het niet door ging; ons huis was niet neutraal genoeg. Dat klopt, want het is een onmiskenbaar Zaans juweeltje.

Een paar maanden later belde de locatiesearcher opnieuw of hij even langs mocht komen met een regisseur en een productieleider om te kijken of onze keuken geschikt was voor een commercial van de rookworstenfabrikant. Weer werden er ongeveer 83 foto’s genomen vanuit alle hoeken van de kamer en keuken. Helaas ging ook dit filmfeest niet door. De reden was onduidelijk.

Begin dit jaar belde de locatiesearcher weer of hij langs mocht komen met een paar mensen van het productiebureau. Dit keer voor een commercial van een keukenfabrikant. Wij dachten nog:”Hoe weten zij nou dat wij onze keuken bij die fabrikant hebben gekocht?” Later hoorden we dat dat er helemaal niet toe deed. In elk geval kregen wij een paar weken later te horen dat de keuze dit keer op ons huis was gevallen. Ze zouden een dagdeel komen filmen. 3 x scheepsrecht.

Vorige week was het zover. De locatiemanager was onze contactpersoon en hij hield mij op de hoogte, wanneer ze eraan kwamen. Ze begonnen namelijk ’s ochtends vroeg al bij een huis iets verderop en hij kon van te voren geen exact tijdstip noemen. Om 10 uur kwam de “crew”, bestaande uit zo’n 15 mensen: een invasie van setdressers, cameramensen, geluidstechnici, productieassistent, regisseur, visagiste, kleedsters en acteurs. Er kwam een vrachtwagen met apparatuur en decorstukken het erf oprijden, waarna onze schuur als studio werd ingericht. De huiskamer ( nee niet de keuken!) werd door de dames setdressers “gerestyled” met slingers, stoelen, plantjes; het moest een verjaardagsfeestje voorstellen, voordat de visite er is.
Ik bood aan koffie gaan zetten, maar dat was niet nodig; een mobiel cateringbedrijf zorgde daarvoor, ik werd zelfs uitgenodigd voor de lunch bij hun in de bus! Erg aardig, maar dat vond ik wat overdreven. Ik installeerde me in een hoekje van de kamer om het schouwspel te bekijken. Ik mocht een paar foto’s maken, als ik ze maar niet op internet zou zetten.

Er werden schotten, lampen, een camera en monitoren neergezet en daartussen nog een stuk of 10 mensen. Toen de set klaar was, werden de acteurs erbij gehaald; een ouder “echtpaar”, volgens mij amateurs, naar hun acteertalent te oordelen, ze hadden geen tekst en hoefden alleen te mimen naar elkaar. Een heel korte scene, waarin een gejaagde, ongeduldige vrouw de blokjes kaas en de stoelen moest tellen en haar stoffige echtgenoot met de stoelen moest stuntelen. Al na 1,5 uur was de regisseur tevreden en moest het nog een keer over, let wel, voor 3 seconden film. Toen werd de hele handel in een mum van tijd weer leeggeruimd, ingepakt en opgerold en vertrok de crew richting cateringbus. De locatiemanager bood zelfs nog aan om te stofzuigen, welk aanbod ik afsloeg vanzelf, ieder zijn vak natuurlijk. Toen betaalde hij voor deze ochtend (een veelvoud van mijn salaris bij de thuiszorg) en ik zwaaide hem vrolijk uit, “tot de volgende keer!”

Nu maar afwachten wat er te zien zal zijn van onze huiskamer in die 3 seconden….



   

zondag 8 februari 2015

Inspiratie

Steeds vaker lees je dat zingen goed voor je lijf en je leden is. Ik doe het mijn hele leven al graag, dus dat het ook nog goed voor me is, is meegenomen. Een paar jaar geleden ben ik lid geworden van popkoor Inspiratie. Een groep gezellige vrouwen in de leeftijd van 20 tot 68 jaar, waarbij het overgrote deel weliswaar 50 + is, doet elke donderdag haar best de aanwijzingen van de oprichtster en enthousiaste coach Marcella Scheerman, op te volgen, zodat de gouwe ouwe, maar ook nieuwe popsongs een beetje acceptabel onze strotjes uitkomen bij een optreden. Afgelopen week hebben we de hele avond “nieuwe” nummers gerepeteerd voor de komende optredens. Ik wil altijd alles zo goed mogelijk doen en ben niet zo gauw tevreden. Daarom ben ik bang dat het er te veel zijn om die in de resterende tijd onder de knietjes en in onze koppies te krijgen. Misschien moet ik me daar niet druk over maken. Ons publiek is meestal niet zo kritisch!

Dat de meeste amateurkoren uit 50-plussers bestaan is niet zo vreemd. Deze leeftijdsgroep wil gewoon lekker zingen in een gezellige omgeving, hoeft niet zo nodig op de voorgrond en een valse noot valt in een koor niet zo op. In ons koor speelt de gezelligheid ook een grote rol. Hoewel we allemaal verschillend zijn is het toch fijn om af en toe elkaars wel en wee te delen en waar nodig een arm of luisterend oor te bieden. De jongeren zoeken dat blijkbaar ergens anders en willen met zingen carrière maken.

Dat bewijzen de vele talentenshows wel. Het scherm wordt overspoeld met ambitieuze, jonge, mooie, zangers, zangeressen en andere podiumkunstenaars. En allemaal hebben ze een groot doel: BEROEMD WORDEN!, waar enkelen, die worden geholpen door de juiste mensen in het vak, weliswaar (tijdelijk) in slagen, maar de meerderheid keert terug in de amateurwereld of zie je alleen nog af en toe terug in de roddelbladen met hun persoonlijke ellende. Maar o.k. daar heeft dan weer half Nederland plezier aan beleefd en met ze meegeleefd. Aan mij zijn die dweperige, Amerikaanse programma’s niet besteed. Ik begrijp dat je als ouders tranen in je ogen krijgt als je kind staat op te treden en dat het nog goed klinkt ook. Had ik ook bij die van mij vroeger tijdens de afscheidsmusicals op school, maar dat er na elke riedel een paar honderd man hysterisch gillend en fluitend staat te springen vind ik niet spontaan en geloofwaardig meer. Een betaalde kracht staat buiten beeld de meute te enthousiasmeren en aan te geven wanneer ze moet losgaan! Jeuk en kromme tenen krijg ik van de overwegend kritiekloze, ultrapositieve beoordelingen van de dames en heren juryleden/coaches, die, naar mijn mening ook niet allemaal even getalenteerd zijn en/of verstand van zaken hebben (vooral hard zingen is de trend!) maar dit terzijde.
   
Er zijn hele volksstammen die goed kunnen zingen, maar of geen ambitie hebben, niet aantrekkelijk, of verlegen of te bescheiden zijn, of een ander, nuttiger talent hebben, waarmee je een stabielere toekomst kunt opbouwen.

Laten we het even lekker nuchter Hollands houden en die kinderen in die shows niet op een voetstuk zetten, maar met hun voetjes op de grond laten blijven, dan vallen ze ook niet zo hard als hun dromen niet uitkomen.
Wat ik nog wel even kwijt wil; heel veel talentvolle mensen, die cum laude afstuderen aan de conservatoria en toneelscholen hebben geen werk. Waarom zoeken de producenten onder de amateurs naar hoofdrolspelers voor hun musicals? Zal wel weer met geld te maken hebben…..

Pfoeh, het collumpie is wel wat lang geworden, bedankt voor jullie moeite om het te lezen!

Hier had ik een leuk plaatje, maar dat neemt Blogger niet over uit Word, grrrr.
    

p.s. kijk eens op de website: www.popkoorinspiratie.nl voor optredens en ander leuks

dinsdag 3 februari 2015

Poes

    
Ik ben in dienst van een zwarte 3ehands “jeweetwelkater”. Hij luistert
(meestal) naar de naam “Poes”. Ik ben erg gek op hem, omdat het zo’n gezellige goedzak is en hij mij al 10 jaar trouw is. Hij is 2 keer met me meeverhuisd, maar op het laatste adres hier aan de Zaan hebben wij het het meest naar ons zin.

Mijn lief, die niets met katten had, heeft hem, dankzij zijn lieve karakter, ook in zijn hart gesloten. Poes moet inmiddels een jaar of 17 zijn en wordt een beetje traag en slechthorend. Hij gaat op vreemde plaatsen liggen maffen en wordt niet meer overal wakker van, behalve van het knisperen van een snackstokje, dan wordt ie plotseling erg energiek.

Van de week verwenden we hem met een kippenpootje. Hij moest het wel buiten opeten.
In de boom zaten 2 aasgieren vermomd als eksters. Het zijn mooie vogels, maar ze zijn brutaal, slim en ze hebben een “afschuwlelijk” repertoire. Hun aantal neemt zorgelijke vormen aan, hoewel nog niet in verhouding tot het aantal mensen! Ze kunnen er ook niks aan doen dat ze zijn zoals ze zijn. Het koppel loerde op de kippenpoot van Poes, wat ik eigenlijk ook niet snap, omdat ze genetisch toch verwant zijn aan de kip, dacht ik, maar dit terzijde.

Affijn, ze fladderden maar om Poes heen en even later had er eentje het lef om vlak achter hem te landen, waarna nummer twee volgde en zo bleven ze om Poes heen huppelen om te proberen hem af te leiden.. Poes bleef echter onverstoorbaar knagen en kluiven zonder de vogels een blik waardig te gunnen.

Ik vond het mooi dat mijn bejaarde, sullige goeierd toch nog de zelfverzekerde, autoritaire houding van het roofdier in zich heeft en het daarom niet eens de moeite vond om de vogels weg te jagen, zo’n stoere kater!


Na dit mazzelmaaltje ging hij voldaan en in volkomen ontspanning op de vensterbank liggen snurken, zodanig ontspannen dat hij er na een tijdje vanaf sodemieterde, wat dan weer niet zo stoer was.

p.s. Ik zou graag een fotootje van Poes erbij zetten, maar ik moet nog uitvogelen hoe dat moet.....  

zondag 25 januari 2015

Nieuwe bril

Afgelopen donderdag heb ik mijn nieuwe bril opgehaald. De oude bril staat me ook best leuk en, belangrijker, ik kan er nog goed mee kijken, maar het montuur was een beetje dof geworden en ik had, nadat ik er op was geland, zodanig amateuristisch aan de pootjes zitten buigen, dat ik 'm gedeeltelijk gesloopt heb.

Zodoende liep ik op een rustige dinsdagmiddag na mijn werk een brillenwinkel binnen, die adverteerde met 50% korting. Een aardige opticieuse, die zelf ook een leuke bril op had, kwam me helpen een montuur uit te zoeken. Daar was ik wel blij om, want ten eerste ben ik een twijfeltrut en ten tweede kan je zelf met die wazige blik niet zien hoe de verschillende modellen je staan. Na een bril of 15 viel de keus op een kekke, rechthoekige rode bril met nog andere kleurtjes in het montuur, een van de nieuwste aanwinsten van de collectie. Een heel verschil met de halfronde bruinrode die ik had!

Toen volgde de oogmeting. Ik vind het soms lastig aan te geven welk glaasje beter of slechter is, het ligt vaak dicht bij elkaar. Daarbij besloegen de glaasjes ook steeds, wat het er ook niet gemakkelijker op maakte. Conclusie was dat ik voor veraf en dichtbij sterkere glazen nodig had en de cylinder was ook beroerder geworden. Jammer, maar het zal wel met leeftijd te maken hebben. De prijs viel me 100% mee, dus opgetogen toog ik huiswaarts.

Na ruim een week kreeg ik een mailtje dat ie klaarlag. Ik was nog behoorlijk verkouden, maar ik kon natuurlijk niet langer wachten. Na het op maat stellen deed het meisje hem in een mapje, maar, het kind in mij wilde hem natuurlijk meteen op. Een soort jarig gevoel overviel me, dus ik dacht dat iedereen aan me kon zien dat ik een nieuwe bril ophad! Het was wel een beetje raar kijken, maar dat went wel, dacht ik. Manlief was ook positief.

Ik ben nu 4 dagen verder en de euforie is aardig tanende; mijn wimpers wapperen tegen het glas aan, gewoon lezen en van het beeldscherm lezen lukt niet lekker. Ik zit maar met mijn hoofd te knikken om te zien welk gedeelte van de glazen ik hebben moet, tevergeefs.
Daarnaast is het tot nu toe NIEMAND, maar dan ook NIEMAND opgevallen dat ik een nieuwe bril heb (gvd)! Morgen ga ik ermee terug!    

zaterdag 24 januari 2015

GEWETEN


Een woord met twee betekenissen, dat mij aan het filosoferen zette.

Het werkwoord: als ik toch alles had “geweten” op mijn 18de! Dan had mijn leven er nu volkomen anders uitgezien; ik stond in het gunstigste geval in een of andere musical, toneelvoorstelling of t.v. serie, in het andere geval was ik juf op een basisschool geworden, wat ik ook altijd leuk heb gevonden en had ik op dit moment waarschijnlijk ook nog steeds werk. Destijds leek het mij en mijn toenmalige partner verstandig dat ik kostwinner zou worden, zolang hij nog met zijn studie bezig was. Ik werd na het behalen van mijn Havo-diploma fulltime receptioniste bij een klein verzekeringskantoortje, zodat wij onze kamerhuur konden betalen. Het kwam niet bij me op dat we allebei een studiebeurs konden aanvragen, zodat we allebei een beroepsopleiding konden volgen. Ik had dan ook geweten hoe ik beter voor mezelf moest opkomen.

Dan het zelfstandig naamwoord: als alle mensen op deze wereld een “geweten” zouden hebben zou het leven van alle mensen op de wereld er volkomen anders uitzien. Dan was er geen honger, armoede, onderdrukking, genocide, martelingen, oorlog, hebzucht, egoisme, wapens, milieuvervuiling, ontbossing, dierenmishandeling, overbevissing, fanatici, terroristen, dictators, sadisten enzovoort, enzovoort.

Als alle mensen een geweten zouden hebben hadden we geen godsdiensten nodig, omdat we vanzelfsprekend elkaar zouden verzorgen en troosten.


donderdag 15 januari 2015

Zwemles


In het programma Man bijt hond, waarnaar ik regelmatig kijk, volgen ze een man van in de 60, die al bijna 20 jaar bezig is met zijn A-diploma. Als je hem ziet zwemmen lijkt het of ie nog maar een paar maanden bezig is. Het zwembad heeft een goede klant aan hem. Van het cursusgeld had hij beter in therapie kunnen gaan om van zijn watervrees af te komen. De geduldige zwemjuf lijkt er ook nog steeds in te geloven.

Hierdoor herinnerde ik me nog mijn eigen ervaring met het schoolzwemmen. Vanaf de 5e klas (nu groep 7) kregen we op school zwemles. Toen vond de overheid het nog belangrijk dat alle kinderen leerden zwemmen in dit waterrijke land.
Op vrijdag gingen we met de bus naar het zwembad. Ik ging graag naar school, maar de vrijdagochtend was de zwarte bladzijde van de week. Wat een bezoeking! Ik had donderdagavond al buikpijn. Vrijdagochtend had ik altijd diarree van de zenuwen. Die watervrees heb ik van mijn vader geërfd. Mijn moeder had als kind haar diploma in de ijskoude Zaan gehaald en kon goed zwemmen.

Na een jaar hadden de meeste kinderen al hun A, B, of zelfs C-diploma gehaald, maar deze badmuts stuntelde, met nog enkele water(vrees)ratten, nog steeds in het warme instructiebad. Ik durfde niet met mijn hoofd onder water, laat staan van de kant afduiken. Een deuk in mijn ego en zelfvertrouwen, temeer omdat ik met andere sporten toch boven het gemiddelde uitstak (!).

In de 6e mocht ik eindelijk in het diepe gaan oefenen met een kurk om. Dan sprong ik wel wijdbeens van de kant. De techniek was geen probleem, maar ik bleef bang dat ik zonk, dus ik zwom dicht langs de kant. Rugzwemmen was een drama, de zwemakela stak de haak onder mijn nek, schreeuwend: “buik omhoog!!” Watertrappelen met je vingers in de lucht, er kwam geen eind aan! In mijn herinnering waren er in de zestigerjaren geen zwemleraren die van kinderen hielden. Alle andere meesters en juffen op de lagere school vonden mij wel lief, dus het moet iets te maken hebben met het waterwezen.

Vlak voordat de lagereschooltijd was afgelopen heb ik het A-diploma met de hakken over het bad toch nog gehaald. Daar is het ook bij gebleven. Ik kan mezelf redden en voel me wel zekerder dan toen, maar duiken en onder water zwemmen durf ik nog altijd niet. Blijf jaloers op al die mensen, die zo achteloos en sierlijk van de kant af duiken.


Ik vind 2 jaar al lang om je A te halen, dus het zou mij verbazen als dat angstige mannetje het na 20 jaar nog zal lukken. De aanhouder wint, zeggen ze ….. 

zaterdag 3 januari 2015

Chinees

Vorige week zondag waren wij naar een optreden van de band The Blitsers in de Koppiesbar in Assendelft. Het begon om 16:00 uur, maar de ervaring had ons geleerd dat de heren, net als “echte” artiesten, zeker een uur later beginnen met spelen, dus we waren daar om ongeveer 17:00 uur. We hadden een heel eind gewandeld die middag en ik had me moe, maar voldaan op de bank geïnstalleerd met wat leeswerk, dus als het aan mij had gelegen waren we lekker thuis gebleven. Manlief echter had zich erg verheugd op dit uitje, dus meegaand als ik ben, sleepte ik me met frisse tegenzin naar de bad-, respectievelijk slaapkamer om me op te frissen, aan te kleden en wat uitgaanderige schmink op het bleke smoeltje te smeren. Na mijn gewoonlijke commentaar op zijn outfit (saai en te warm), gaf hij zich deze keer gewonnen en trok hij een overhemd aan.

Daar aangekomen was het al een gezellige en blauwe drukte, want men rookte er vrolijk op los. Helaas was de kwaliteit van het optreden niet geweldig; het geluid was te hard en niet in balans, de band was niet zo in vorm en het gekozen repertoire was niet mijn smaak. Toch zijn we wel even gebleven, want Ton, de DJ, verwelkomde ons heel hartelijk en draaide nog een paar leuke nummers. Om ongeveer 19:00 hadden we genoeg van het lawaai en de rook en reed IK ons weer veilig huiswaarts. Met de nadruk op IK, want als we samen ergens naartoe gaan wil HIJ altijd rijden, omdat vrouwen niet kunnen rijden. Na het nuttigen van wat alcoholische versnaperingen, stelt hij zijn mening echter tijdelijk bij, want dan is het toch wel prettig als ik terug rijd. Zwakkeling die ik ben doe ik dat ook nog.

We hadden niet veel trek, dus besloten we een loempia te halen bij de Chinees. Het was rustig en de laatste klanten vertrokken net. De immer glimlachende eigenaresse, Jennifer noemt ze zich, haar echte naam ligt vermoedelijk niet in het Zaanse gehoor, had daardoor alle tijd om met ons een klantenbindend praatje aan te knopen. Wij zaten daar niet om verlegen en doken in de leesmap, maar ik vond het onbeleefd om niet te reageren op haar gemaakt vriendelijke gewauwel. Mijn man heeft daar geen enkele moeite mee, hield zich doof en liet mij alle onnozele vragen beantwoorden over ZIJN zoon, die 5 jaar geleden voor een andere chinees had gewerkt. Ook vroeg ze waar de “galage” ook al weer was, dus ik geduldig uitleggen en vertellen dat ze alle merken repareren enz., maar zelfs toen liet hij mij het woord doen en gaf hij geen enkele sjoege, de klier.

Eindelijk waren de loempia’s klaar en voorlopig ik ook met de Chinees.


Nieuwe kansen


Al is het een kladje, ik kan niet typen als ik geen gezellige letter heb gekozen. Ook spelfouten laat ik niet staan. Dat is stom, want dan raak je uit je verhaal, als je tenminste een verhaal hebt. Ik heb al 4 weken geen verhaal geschreven, omdat ik niet weet waarover. Ik ben chagrijnig geweest rond de feestdagen en heb niks grappigs of opmerkelijks beleefd of ik kan het me niet herinneren.

Daarbij komt dat je niet alles het internet op moet gooien en niet te persoonlijk moet worden, want daarmee kan je mensen kwetsen. Ik wil wel een keer iets leuks over het koor schrijven, want we hebben best wel leuke optredens gehad en we hebben echt sopranen nodig, dus een beetje reclame kan geen kwaad. Sommige nummers klinken echt mooi. We hadden bijvoorbeeld veel succes met “Oh holy Night” tijdens het laatste kerstoptreden in Saenden. Sommige mensen waren echt ontroerd en dat is mooi om mee te maken. Morgen gaan we in De Schouw zingen, gelukkig geen kerstnummers meer!

Ondertussen zitten we al weer in 2015, de tijd vliegt voorbij als je ouder bent. Onze kinderen beseffen dat nog niet jammer genoeg. Ik ben zelf trouwens ook slordig met mijn tijd omgegaan vroeger en eigenlijk nog steeds. Je moet elke dag benutten en genieten. Als je hoort en ziet wat veel mensen in de wereld moeten doorstaan door rampen, oorlog of ziekte, schaam ik me voor mijn ontevredenheid.

Ik heb me voorgenomen positief en tevreden te zijn met het leven dat ik nu heb en niet te vaak achterom te kijken. Op naar het volgende verhaal....